Opoe en de kier

‘Looks far’, heet de wijze vrouw van april volgens indiaanse traditie. Voor de Nederlandse versie van het boek waarin die dertien wijze maan(d)vrouwen beschreven staan, is dat vertaald met ‘Zij die vooruitziet’. Dat vind ik te beperkt, zeker als ik lees wat er allemaal onder haar auspiciën valt. Tjongejonge. ‘Zij die weids kijkt’, zou ik zeggen. Zij ziet, voorziet, ziet vooruit, doorziet en droomt – zowel bij dag als bij nacht.
Ze spoort ons aan om goed te kijken naar de zichtbare werkelijkheid en haar details, maar ook ‘achter’ dat wat onze ogen waarnemen. Erdoorheen.
Een sfeer, een herinnering, een droom.
Zij is ‘Poortwachtster van de Kier in het Universum.’ Die kier, die ‘crack in the universe’, waardoor we naar andere dimensies van bewustzijn kunnen reizen. Of we vangen er zomaar een glimp van op…

Laatst reed ik aan de Gelderse noordkant langs mijn geliefde rivier de Maas, steeds dichter naar mijn geboorteplaats Orthen, een lintdorp dat al heel lang ingelijfd is door Den Bosch, maar waar de Maas zo dichtbij ligt, dat wij er ’s zomers gingen zwemmen. Het licht, de lucht, de rivier… er hing iets dat me heel zacht aanraakte, en me een gevoel gaf dat ik hier thuishoorde. Wortels, geboortegrond.
Even later zag ik aan de overkant van het water het plaatsnaambordje Maasdriel staan, en dat thuiskomgevoel verdiepte zich. Hier kwam mijn grootmoeder vandaan! Ik heb het brave mens nooit gekend, maar de verbinding is er. Opoe. Zestien kinderen gebaard, waarvan er dertien in leven bleven. Aardappelen schillen, boontjes doppen. Verhalen van eenvoud.
Inmiddels ben ik zelf grootmoeder van een kleindochter. Opoe was dat van mij; zij was de moeder van mijn vader. Mijn kleindochter is de dochter van mijn zoon. Hoe die lijnen van opeenvolgende levens lopen. Dat is niet zomaar iets.
Mijn wortels aan de Maas. Blij word ik ervan. ‘k Weet me opgenomen in een groter geheel.
‘De gezichten van de Ouden, in deze en verre werelden’, is een strofe in het gedicht over Looks far…
Zij ziet de gezichten van de voorouders in de sterren.
Ik zie mijn grootmoeder in het bordje Maasdriel.
Dag opoe.
Naschrift: Gister reed ik in diezelfde omgeving. Ik was inmiddels aan het twijfelen geraakt of opoe uit Velddriel of Maasdriel kwam, en wilde even op verkenning. Velddriel, Hoenzadriel, Kerkdriel blijkt allemaal onder Maasdriel te vallen. Maar voordat ik dat op internet ontdekte, kreeg ik al een pracht van een magische bevestiging. Pal voor me reed een zwart autootje met het opschrift: ‘Uitvaartverzorging Stork Maasdriel’. Dood, geboorte (stork is Engels voor ooievaar), voorouders, kleinkinderen: zie je wel?

Meer van me lezen?

Voor het nieuwetijdskindforum schreef ik: ‘Van rotvogeltjes tot krachtdieren.’ Over weer een andere kijk door die kier…